Jonge crimineel lacht om hulpverleners

De manier waarop de overheid jongeren uit de criminaliteit probeert te halen, werkt niet of zelfs averechts. Sleutelfiguren in jeugdbendes ontlenen status aan mislukte ingrepen door hulpverleners en justitie.

Bestuurders, politie, justitie, jeugdzorg en andere formele instanties moeten veel effectiever samenwerken met ‘de informele netwerken’ in de buurten met veel criminaliteit.

Dat zegt Martien Kuitenbrouwer, die sinds 2010 stadsdeelvoorzitter is van Amsterdam-West. Haar ambtenaren analyseerden de levens van zeven jonge Marokkaans-Nederlandse criminelen uit West die de laatste jaren zijn geliquideerd of, in één geval, invalide zijn geraakt door een mislukte moordaanslag. Ook in hun geval heeft het ingrijpen door formele instanties niet gewerkt.

Wonder
In 2010 werd Kuitenbrouwer, tot dan stadsdeelvoorzitter van Westerpark, stadsdeelvoorzitter van het nieuwgevormde stadsdeel West. Ze kreeg te maken met de criminele jeugdgroepen in De Baarsjes en Bos en Lommer en stelde vast dat het een wonder is dat nog zo veel jongeren in sommige buurten goed terechtkomen.

Bij de zes probleemgezinnen in de Chassébuurt, met zo’n dertig criminele zoons, kwamen de hulpverleners uiteindelijk niet (meer) binnen. Kuitenbrouwer: ‘Ouders wisten niet waar hun zoons uithingen. Jeugdzorg kreeg geen aansluiting, maar bewerkstelligde alleen maar dat het gezin zich verder van de samenleving afkeerde. Langzaamaan kwamen die zes gezinnen potdicht te zitten. Sommige professionals waren het gewoon gaan vinden dat niets lukte.’

Veelkoppig monster
Ondertussen ziet Kuitenbrouwer wel effect van optredens waarin behalve politie, justitie en jeugdhulpverleners ook de privéomgeving van probleemjongeren en de school of een werkgever sleutelrollen spelen. ‘Samenwerking met die informele netwerken is cruciaal, want de hulpverlening kan een veelkoppig monster zijn. Mislukte interventies werken vervolgens voor zo’n jongen op straat statusverhogend, want die krijgt het gevoel en straalt uit dat niemand hem iets kan maken.’

Het beeld van de levens van de zeven jonge mannen die doelwit waren van een moordaanslag is triest. Op één na had geen van de slachtoffers een diploma. Als ze al ooit een baan hadden, was dat voor (zeer) korte duur. Drie van de jongens behoorden tot één of meer jeugdbendes.

Bron: http://www.parool.nl/parool/nl/7/MISDAAD/article/detail/3597721/2014/02/15/Jonge-crimineel-lacht-om-hulpverleners.dhtml